Door een juiste diagnose kun je de dingen in een kader zetten

Het begon met het berichtje dat Astrid kreeg. Een vriendin appte dat het niet goed ging met haar zus. Voor die tijd had haar zus ook al minder goede periodes gehad. Tijdens haar studie had ze een depressie waarvoor ze behandeld is geweest. Nu weet Astrid dat ze eigenlijk een bipolaire aandoening heeft.

“Die vriendin trok in 2015 aan de bel. Mijn zus noemde het zelf een burn-out en heeft drie maanden bij mijn ouders gewoond. Daarna werd ze langzaamaan weer zelfstandig. Maar na een conflict op haar werk en een contract dat niet verlengd werd, belandde ze in een manie. In een paar dagen tijd kregen we uit allerlei hoeken te horen over gekke berichten op social media. Trekjes uit haar persoonlijkheid leken wel 1000 x uitvergroot.

Opname

Op een gegeven moment ging het echt niet meer. Een poging bij haar thuis te kijken hoe het ging, leek de boel alleen maar te escaleren. Gelukkig is ze uiteindelijk zelf naar de huisarts gegaan die vervolgens haar psychiater inschakelde. Nog dezelfde dag is ze beoordeeld door de crisisdienst en vervolgens opgenomen. Dat was op dat moment het beste, maar behoorlijk heftig voor ons als familie.

Gedwongen medicatie

Ze was in die periode een echte spraakwaterval. Ze was behoorlijk achterdochtig en associatief en de grip op de realiteit kwijt. Ik begreep toen dat dat gedrag typerend is voor iemand die manisch is. Helaas heeft ze een aantal keer gedwongen medicatie toegediend gekregen om haar rustig te maken. Na een aantal maanden mocht ze weer naar huis.

Belang van diagnose

Volgens mij is ze de eerste keer, tijdens haar studie, niet goed gediagnosticeerd. Nu hebben we een kader waarin we veel dingen kunnen plaatsen en het beter een plekje kunnen geven. Zij zal nooit een ander mens worden, maar het helpt om te weten dat ze ziek is, dat maakt het makkelijker om bepaald gedrag te accepteren en er voor haar te zijn. Ik vond het soms emotioneel erg zwaar, je gaat letterlijk door alle emoties heen. Boos, om de lelijke dingen die ze in haar manie kan zeggen. Boos, omdat het zo oneerlijk is, dat ze dit niet verdient. Moe, van al het geregel dat een opname met zich mee brengt.

“Verdrietig, om iemand van wie je houdt, zo te zien.”

Het is nog steeds moeilijk voor haar om de diagnose te accepteren. Ook vanuit de omgeving is er wel wat weerstand geweest, of opname nu wel nodig was. En voor ons, als familie, ook zorgen, of ze haar medicatie wel zal nemen. Of ze niet weer in een manie zal raken en niet op tijd goede hulp zal krijgen.

Goed vangnet

Wat ons veel rust geeft is dat er nu, na een eerste opname, een goed vangnet is. In geval van een dreigende opname is het nu duidelijk welke stappen doorlopen moeten worden. Ook heeft mijn zus in haar crisiskaart een aantal wensen opgesteld waardoor ze de regie wat meer zelf in handen heeft. Dat geeft veel rust en vertrouwen dat – hoe vervelend een opname ook blijft- het minder traumatisch zal zijn voor haar.”

 

 

* De naam Astrid is vanwege privacyredenen gefingeerd.