Thuiszitters

Studenten en onderzoekers van lectoraat Jeugd hogeschool Windesheim hebben in samenwerking met de Verhalenbank Psychiatrie persoonlijke verhalen verzameld van kinderen en jongeren die leerplichtig zijn maar langere tijd geen onderwijs op school hebben gevolgd. Er zijn verhalen verzameld over 13 jongeren. Zes van deze jongeren hebben zelf hun verhaal gedeeld, vaak samen met een ouder, bij de andere jongeren heeft één of beide ouders hun ervaringen gedeeld. Uit de thematische analyse van deze rijke verhalen sprongen een paar thema’s er duidelijk uit.

Worsteling

In bijna alle verhalen had het niet naar school gaan meerdere oorzaken, die elkaar vaak versterkten. Psychische problemen, pesten en uitsluiting, prestatiedruk, een moeizame communicatie met school, niet de juiste hulp krijgen: vaak ging er een maanden- of jarenlange worsteling vooraf aan het thuiszitten. Die worsteling heeft een enorme impact op de jongere, vaak spraken ouders of jongeren in dat kader van (school)trauma. Maar ook voor ouders, broertjes en zusjes is de impact van het thuis zitten en de worsteling die daar aan vooraf gaat groot.

Eenzaamheid en stigma

Het thema eenzaamheid kwam regelmatig terug in de verhalen, het ‘thuiszitten’ maakte niet alleen voor jongeren zelf maar ook voor ouders de wereld kleiner. Bijvoorbeeld doordat ouders hun baan opzeggen of veranderen om overdag bij hun kind te kunnen zijn. Ook onbegrip uit de omgeving speelde vaak een rol. Verschillende jongeren en ouders worstelden met stigma’s als ‘thuiszitters zijn verwend’, ‘ouders van thuiszitters bieden geen structuur en grenzen’ of ‘thuiszitters kunnen nooit succesvol zijn in de maatschappij’.

Meer ruimte

Uit andere verhalen kwam juist naar voren dat het niet meer school gaan maakte dat kinderen of jongeren uit de overleef-stand kwamen en zich minder eenzaam gingen voelen. Ze kregen meer ruimte voor contacten met leeftijdsgenoten in de buurt of bij een (sport)vereniging. Sommige jongeren gingen vrijwilligerswerk doen of reizen, en deden zo waardevolle ervaringen op. Sommige ouders ervoeren juist extra steun vanuit de omgeving in een moeilijke periode en voelden zich daardoor minder eenzaam.

Sleutelfiguren

Hoewel er veel negatieve ervaringen werden gedeeld met scholen en hulpverlening, viel in een aantal verhalen de rol van een ‘sleutelfiguur’ op. Daarmee bedoelen we ervaringen met een specifieke professional door wie ouders en jongeren zich wél gehoord en begrepen voelden. Dat kwam niet alleen doordat zij zich in de gesprekken serieus genomen voelden, maar ook doordat deze sleutelfiguur een oplossing wist te forceren in een vastgelopen proces. Vaak was deze sleutelfiguur de ingeschakelde onderwijsconsulent, maar soms was het ook een betrokken arts, een psycholoog, of een zorgcoördinator.

Herstel

Herstellen van de vaak traumatische ervaringen die kinderen en jongeren hebben opgedaan vraagt vooral tijd, benadrukten ouders en jongeren. Niet te snel weer van alles ‘moeten’, maar de tijd kunnen nemen om te verwerken en om in kleine stapjes weer succeservaringen op te doen. Een zinvolle dagbesteding, vaak in aangepaste vorm en tempo, heeft veel jongeren geholpen om weer een dagritme en doel te ervaren en positieve ervaringen op te doen.